Tull en t Waal

Tull en 't Waal ligt op de Vuijlkoopstroomrug aan de noordzijde van de Lek. De ontginning van deze strook land dateert uit de 10de of de 11de eeuw. kerkelijk en bestuurlijk vormden Tull en 't Waal (en het meer oostelijk gelegen Honswijk) toen een geheel met het aan de zuidzijde van de rivier gelegen Gasperden (nu Hagestein). Daar zaten de Utrechtse kapittels van de Dom en Oud-Munster een vroonhof. De verkaveling van de stroomrug is onregelmatig: de kavels zijn niet overal even lang. Eerste nadat de ontginning een eind was gevorderd werd voor de afwatering de Waalse- en Tulse wetering gegraven.
Het deel 't Waal (met de kerk en het dorp) grensde in het westen vanouds aan het gerecht Vreeswijk of De Vaart en oostelijk aan het goed Blasenburg. Tull - met de korenmolen en vier grote boerderijen - ligt ter weerszijden van de Uitweg (in oude akten "de afwegh bij het Vosje") en grenst aan de wetering Snel, tevens de grens met Honswijk. Ter beslchting van een geschil tussen de Graaf van Culemborg en de Heer van Asperen werd deze grens in 1338 vastgelegd, waarbij Honswijk bij Culemborg en Tull en 't Waal bij Asperen bleven behoren.
De bevolking
In het archief van het gerecht zijn belastingregisters van 1678 af bewaard gebleven. Die verschaffen inzicht in het aantal gezinnen en personen dat in Tull en 't Waal woonde. Bovendien blijkt dat de bewoners van de woningen in de polder rietveld (en die daardoor inwoners van het gerecht Schalkwijk zijn) die aan kant van de Waalse wetering waren gelegen ook aan het gereacht Tull en 't Waal hun belasting betaalden omdat ze "alle behorende onder de molen van Twaall zijn". In de 17de en 18de eeuw schommelt het aantal gezinnen tussen de 30 en 35, waarvan de overgrote meerderheid in 't Waal woont. Het zijn boeren en daglonersgezinnen. het Rietveld telt een 10 tot 15 gezinnen. Het aantal personen varieert meer: tussen de 150 en 230. Hoewel het dus maar een kleine gemeenschap is zijn er een naar verhouding groot aantal ambachtslieden werkzaam: kleermaker, schoenmaker, smid, tapper en de schipper die met zijn beurtschip op de Utrechtse markten vaart. En er is de veerman, die het Oudslijkerveer tussen 't Waal en Hagestein bedient. De meerderheid van de bevolking (en met name de grote boeren) blijft rooms-katholiek en kerkt in Schalkwijk. Onderwijs krijgen de kinderen van de gerechtssecretaris, die tevens gerechtsbode en voorzanger in de Hervormde Kerk is.
De boerderijen
Van de negen grote 17de en 18de eeuwse boerderijen, die in Tull en 't Waal en het Rietveld stonden is de plaats nog wel bekend maar de gebouwen zijn op drie na in de loop der tijd vernieuwd. Opvallend bewaard gebleven in hun 18de eeuwse staat zijn Geerestein aan de Waalsewetering en Snellestein en Wintervliet aan de Lekdijk onder Tull. De tegenwoordige boerderij Voorzorg (gebouwd in 1928) staat op de plaats van de in de 15de eeuw reeds genoemde Hof ter Weide, die lang samen met het naastgelegen Goed Blasenstein een geheel vormde. Ook op de plaats van de oude, reeds aan het einde van de 14de eeuw genoemde Ridderhofstad Grijpesteijn aan de Uitweg staat nu een eind 19de eeuwse boerderij. Van de beide grote boerderijen in het Rietveld (De Croon en Heldenstein) is alleen de plaats van de Croon nog herkenbaar aan de greppels, die de loop van de voormalige gracht volgen.