Lopik
De gemeente Lopik ligt in het Groene Hart van Nederland en is met een oppervlakte van 7.940 ha. één van de grootste gemeenten in de provincie Utrecht. Over een lengte van ongeveer 18 kilometer wordt de gemeente Lopik aan de zuidkant begrensd door de rivier de Lek met haar fraaie uiterwaarden, aan de noordkant door Montfoort en Oudewater, aan de oostkant door IJsselstein en aan de westkant door Schoonhoven.
De oudste vermelding van de nederzetting Lopik dateert van 1155. Daar wordt gesproken over 'Lobeke'. Deze naam is afgeleid van het gelijknamige veenstroompje van waaruit de wildernis in noordelijke richting is ontgonnen. de naam Lopik zou zijn ontstaan via 'Locop', 'Loopwijc' en 'Lopica'. Over de naamsverklaring van Lebeke bestaan verschillende opvattingen. Een van de verklaringen is dat de naam gevormd is vanuit een Latijnse persoonsnaam en betekent: 'toebehoren aan de persoon Lupius'. Anderen vinden de afleiding van een open plek in het bos, of een waterloop als afgeleide van "lo(o)" en beek als afgeleide van "beke", meer aannemelijk.
Lopik dankt haar schoonheid aan haar veelzijdige landschap. Fraaie natuurlijk ogende uiterwaarden, besloten oeverwallen, open polderland en kilometerslange lintbebouwingen wisselen elkaar af. Dit landschap heeft zijn vorm gekregen tijdens de ontginning van de Lopikerwaard in de elfde eeuw. De eigenaars van de woeste gronden gaven gronden aan horigen aan wie vrijheid werd beloofd als ze het land zouden ontginnen. De ontginning gebeurde volgens een strak systeem, dat ook nu nog duidelijk herkenbaar is. Men begon bij hoger gelegen oeverwallen langs de lek en de Hollandsche IJssel. Vanuit deze ontginningsbasis werd loodrecht daarop een afstand uitgezet van 1.000 à 1.300 meter terwijl de breedte van de kavels werd vastgesteld op ongeveer 115 meter. Aan het einde van de kavels werden weteringen gegraven voor de afwatering.
Na de tweede wereldoorlog kwamen de ontwikkelingen op ruimtelijk gebied in een stroomversnelling. De kernen van Lopik en Benschop breidden zich uit met nieuwe woonwijken, er ontwikkelde zich een industrieterrein en in 1979 werd gestart met de ruilverkaveling. De ruilverkaveling was nodig om de schaalvergroting en de intensivering van de agrarische sector die in de rest van het land ingezet was, bij te kunnen houden.
De gemeente Lopik is uiteindelijk ontstaan door samenvoeging van Willige Langerak, Lopik en Jaarsveld in 1943 en de opheffing van de gemeenten Benschop, Polsbroek en Lopik in 1989. De gemeenten werden ondergebracht in de nieuwe, huidige gemeente Lopik.